OOK HARMSMA EN HAGEMAN NAAR WK
Jan Groenendijk verdedigt wereldtitel in snikheet Kameroen
Een klein half jaar nadat Jan Groenendijk (26) zich in zijn geboorteplaats Wageningen tot wereldkampioen kon laten kronen moet hij alweer zijn titel verdedigen. Dat gebeurt deze maand in het damgekke maar snikhete Afrika. Hij is afgelopen zondag (1 juni) afgereisd naar Yaoundé, de hoofdstad van Kameroen, vergezeld door twee teamgenoten van de Wageningse topdamclub WSDV. Simon Harmsma (19) heeft zich gekwalificeerd via het wereldbeker-circuit en Emre Hageman (19) is doorgestroomd via de reservelijst. Lang niet alle topspelers zijn van de partij. Zo ontbreekt Yurii Anikeev, eind vorig jaar de opponent van Groenendijk in zijn match om de wereldtitel, op de spelerslijst. Ook vijfvoudig oud-wereldkampioen Alexander Schwarzman ziet het niet zitten. Hij heeft hierover geen goed gevoel, vindt Kameroen geen veilig land en is de organisatie van het WK 2019 in Ivoorkust nog niet vergeten toen de spelers zelfs min of meer werden gegijzeld omdat de de speelzaal/hotel niet was betaald. De derde topgrootmeester van WSDV, Alexander Baljakin, is wél bij het WK betrokken. Hij zal als bondstrainer de zes spelers van TeamNL vanuit Nederland met raad en daad terzijde staan. Alleen hoofdcoach Rik Keurentjes (‘Het wordt een mooie krachtmeting tussen de Nederlanders en andere topdammers uit Afrika, Azië, Amerika en Europa. We zijn er klaar voor’) gaat voor de begeleiding mee.
Topfavoriet
In totaal zullen van 5 t/m 23 juni veertig dammers uit de hele wereld in actie komen. Zij worden verdeeld over vier groepen van tien waaruit de eerste drie zich voor de finale plaatsen. Groenendijk is de absolute topfavoriet en zal vooral concurrentie krijgen van zijn maatjes van TeamNL, van de Let Guntis Valneris en van de Afrikanen, zoals de local hero en oud-vicewereldkampioen Jean-Marc – El Animal – Ndjofang. Zelf is hij niet zo met titelprolongatie bezig. “Ik wil alleen het maximale eruit halen en mijn afspraken met mezelf nakomen. De titel zou daarvoor alleen maar de beloning zijn”. Na zijn match met Anikeev heeft hij buiten de clubcompetitie geen officiële wedstrijd meer gespeeld en zich toegelegd op de laatste lootjes van zijn studie natuur- en sterrenkunde in Nijmegen. “Ik heb mijn onderzoek nog niet volledig af, maar wel voor het grootste deel. Mijn voorbereiding op het WK is dus niet ideaal geweest, maar ik heb, denk ik, onder deze omstandigheden wel het maximale gedaan”. Hij voelt zich in elk geval net zo goed in vorm als voor de match. “Als dat honderd procent was is het dat nu ook. Mijn voorbereiding op de match was wat uitgebreider, maar ook daar heb ik kort van te voren nog aan de studie gezeten”.
Intensief
Simon Harmsma, die zich zo goed in de toernooien voor de World Cup heeft geweerd, heeft zich intensief voorbereid, zowel damtechnisch als fysiek. “Ik wil in eerste instantie goede partijen spelen. Als dat lukt en ik me nog weet te plaatsen voor de finaleronde, dan is mijn toernooi denk ik wel geslaagd”. In tegenstelling tot Groenendijk heeft hij de afgelopen tijd minder tijd aan zijn studie Artificial Intelligence aan de Radboud Universiteit in Nijmegen besteed. “Daardoor loop ik wel wat vertraging op”. Emre Hageman zit ongeveer op dezelfde lijn. “Mijn ambitie is natuurlijk om me te kwalificeren voor de finaleronde. Maar of het WK voor mij geslaagd is, hangt niet alleen af van het resultaat. Het belangrijkste is dat ik achteraf het gevoel heb dat ik er alles aan gedaan heb”. Ook hij heeft er zijn studie (filosofie, politiek en economie) tijdelijk voor op een laag pitje gezet. “We hebben twee weken een intensief fysiek programma gevolgd, waarbij we onder meer trainden met extra lagen kleding om te wennen aan de hitte. Daarom zijn we ook wat eerder naar Afrika afgereisd. Hebben we nog drie dagen om aan de hitte te wennen. Daarnaast was er nog een vierdaags trainingskamp op Papendal met de A-sporters van TeamNL, volledig gericht op het WK”.
Foto: KNDB
Bijschrift: TeamNL op Papendal in voorbereiding op het WK. Met op de achterste rij v.l.n.r. de WSDV’ers Jan Groenendijk, Emre Hageman en Simon Harmsma.


