Prikkel de reus niet
Vroeger was Barcelona zo’n ploeg, daar kon je wel tegen voetballen zonder dat ze je overliepen, maar als je per ongeluk als eerste scoorde, werden ze kwaad en dan was het met je gebeurd: die reus moest je niet prikkelen. Wel, misschien is WSDV 2 net zo’n ploeg, net zo’n reus: blijf van onze kopman af, anders zwaait er wat. In elk geval was onze start tegen Lunteren niet best. Fred Ivens speelde met wit tegen ‘niemand minder dan’ Henk Klarenbeek een bekende opening waarbij zwart een randschijf (een Harry) krijgt op 36. Altijd goed voor boeiend spel, waarbij de strijd gaat om de beheersing van 24. Fred koos ervoor 36 af te ruilen naar een hoog klaverblad, maar toen Henk die kon lossen volgde een zwarte Utrecht-aanval, over zijn kerkhof (29). Wit moest verdedigen – wat goed kan tegen ‘Utrecht’, maar een poging om 29 aan te vallen, was echter een flinke fout, en Fred gaf op.
Kennelijk riep die snelle nederlaag bij de rest van het team gevoelens van revanche op, want in onze resterende zeven partijen stonden we slechts twee remises toe! Luise was de eerste; zij liet Paul Wijninga zien dat in een flankpartij een witte schijf op 23 wel prachtig staat, en dat je die ook wel kunt verdedigen, maar niet twee keer. In een mooi staaltje techniek ontfutselde zij wit een schijf en Paul maakte het haar daarna ook niet echt moeilijk. Tegen Coen Bommel – ach wat ken ik die goed- was onze jongste speler, Alexei Ovsyanko in blakende vorm. In een moeilijke flankpartij werden beide voorposten geruild, en kreeg Alexei met zwart een dominante centrumstand tegen een machteloze hekstelling. Na het liquideren van de stand bleek de witte lange vleugel te zwak, en won zwart gedecideerd. Zelf kwam ik met wit goed uit de klassieke opening, en bezorgde Stijn Overeem een zwakke lange vleugel. Die druk op 24 leidde tot een volle klassieke middenspelstand waar zwart een lastige beslissing moest nemen: zich openstellen voor Coup Royal dreigingen, een korte-vleugel-opsluiting riskeren of de dekking van 24 opgeven. Bij de bar analyseerden Ivens en
Klarenbeek dat de eerste optie gelijkspel gaf, maar ja, dat wisten wij natuurlijk niet. Stijn koos de laatste optie en de aanval die ik op rechts ontwikkelde leidde tot een wederzijdse doorbraak, waarbij ik wel naar dam kon lopen, en hij niet. Hij deed het toch, en een slagje maakte een eind aan de partij.
Henk en Wouter in actie
Woldouby
Daarmee stonden we voor, en onze Malinees voegde zich in het damgeweld. Tegen Erwin van Hierden speelde Moussa Coulibaly een wat Franse partij: rustig ruilend de positie handhaven en later klassiek maken met temporeserve. Edwin, niet de eerste de beste, zag dat wel aankomen maar kon er weinig meer tegen doen, en zo kwam hij uiteindelijk- met een schijf minder – in een soort Woldouby waar wit (Moussa) op – 3 staat (Woldouby is -1). Woldouby is remise (als je weet hoe!!), maar deze niet, en Edwin liet het zich niet meer bewijzen. Mooie overwinning op de Lunterense crack. Twee remises maakten de overwinning zeker. Robert-Jan speelde met wit tempo-winnend klassiek, maar slaagde er niet in om zijn tegenstander, Arjen Timmer, onder druk te zetten. Daardoor moest hij naar de rand uitwijken, en een meerslag-doorbraak toelaten van zwart. Ik zag het wat somber in, maar de winst bleek erg moeilijk te vinden; in elk geval vond Robert-Jan de remise wel, goed tegen deze tegenstander. Het omgekeerde gold voor Henk Kleinrensink die met tempo-verliezend spel wel onder druk kwam tegen Arwin Lammers, ook een hoger ingeschaalde tegenstander. Hij stond voortdurend onder druk maar ging daar heel rustig en effectief mee om, met zwart. Het zadelde hem wel op een achtergebleven schijf op 15 op, en ik maakte me zorgen. De wat dure doorbraak leverde Henk een lastig eindspel op, waarbij hij wat makkelijker remise had kunnen maken, maar uiteindelijk bereikte hij toch nog een benauwde puntendeling.
Ester en Robert-Jan op bord 5 en 6
De laatste klap was echter weer voor ons, en een hele mooie. Ook Bert van Harten zocht met wit tempowinst in de klassieke opening, en ook hij slaagde er niet in om druk te ontwikkelen tegen onze aanvoerster Ester van Muijen. In een ingewikkelde klassieke stand – beide kroonschijven opgespeeld – liet Ester zien dat haar aanval tegen de witte lange vleugel dan wel een schijf kostte, maar veel sneller was. Een fraai tweede offer bracht haar in een dunne stand naar dam. Bert offerde één schijf terug, maar slaagde er niet in tegenspel te krijgen, en Ester maakte het zakelijk en droog af: een mooie winst!
En zo waren wij de reus geworden, die je beter niet kunt prikkelen! Na 0-2 werd het 12-4, een klinkende overwinning, en zo staan we bovenaan in onze poule.
Wouter van Beek
Foto’s: Heike Verheul en Fred Ivens


